maandag 19 november 2007

Jens en de Magyaren, part IV

Sziastok,

Ondertussen volg ik een goeie twee weken Hongaarse les. Talen zijn voor de Hongaren geen loos begrip want door hun eigen geisoleerde linguistische positie begrijpen ze dat het leren van een vreemde taal essentieel is. Engels, Spaans, Frans en Italiaans worden hier duchtig bijgestuurd buiten de universiteit en er zijn hier dan ook veel taalscholen. Dan zijn er ook buitenlanders die voor eén of andere reden het in hun hoofd halen Hongaars te leren. Zo ook ik, een Belg in het hartje van Hongarije. Samen met 4 Chinese meisjes, een Spanjaard, een Duits en Lets meisje en een Schot zit ik hier in de startlessen Hongaars. De Chinese meisjes spreken amper Engels en vormen bijna de helft van de klas (in totaal 9 mensen met mij erbij). Hongarije telt een duidelijk aanwezige populatie Chinese mensen die, het zal jullie niet verbazen, werken in de restaurantsector. Er zijn naar mijn mening veel Chinese take-aways te vinden die lang open zijn en een vrij standaard aanbod hebben. Ik weet niet of de Chineesjes in mijn klas een link hebben met familie die een dergelijk ’Kinai Buffet’ openhouden maar de kans is aanwezig volgens mij. De Spanjaard, Alberto, is hier ook nog maar een paar maand en u raadt het, hij leerde zijn Hongaarse vriendin kennen in het buitenland. Het Lets meisje Linda heeft ook een Hongaarse vriend en David, de Schot uit Glasgow leerde zijn vriendin computer gewijs kennen via een online pc-spel (voor de kenners ’World of Warcraft’). Het Duits meisje Melanie werkt hier voor een NGO. Elk van deze mensen zijn heel symphatiek en de lotsverbondenheid wekt natuurlijk een aangename atmosfeer op. Dat moet ook wel in zeker zin want we zitten allemaal in hetzelfde schuitje. Krampachtig proberen we ons deze ingewikkelde taal eigen te maken. Ik ben tot nu toe nog niet bedrogen utigekomen want ik amuseer me te pletter wanneer ik 8 andere studenten en de lerares gekke bekken zie trekken om onze uitspraak te verbeteren. De Hongaren hebben immers de neiging om hard te articuleren, iets wat resulteert in het zogenaamde ’hunglish’ wanneer er Engels wordt gesproken. Niet alle mensen hier spreken zo’n Engels natuurlijk maar de tourguide op sightseeingbus kon er toch wat van. Grote ingewikkelde zinsconstructies kan ik nog niet maken en we zijn nog maar net aan onze eerste werkwoorden begonnen. De lessen gaan niet snel en ze vormen slechts een introductie. Ik ben immers op het absolute starter niveau begonnen en na deze maand zal ik eindigen met wat extra woordenschat en een iets verbeterde uitspraak. Ik zal zeker nog extra sessies moeten volgen (en dat zal ik wss ook doen) om hier ook nog maar een simpel gesprek te moeten voeren. Al voel ik wel da tik dingen snel oppik. Het is ook plezant om nog eens een taal te leren, het voelt heel anders aan als de cursussen openslagen aan de KUL of EHSAL. Al zou ik wel best mijn huiswerk is maken want of ik vergeet het of ik neem de moeite niet om het te maken. Ik beloof beterschap!!!

Van donderdag tot zondagochtend waren ook mama, papa en Anke in Budapest om nu eens in levende lijve te zien waar ik mij heb gevestigd. Natuurlijk was het plezant elkaar terug te zien en samen de stad rond te trekken. Opnieuw zijn we op de rondritbus gesprongen en de stad wat verkend. Mama en papa zijn hier ook naar een voorstelling gegaan van de Nieuw Zeelandse opera zangeres Kiri Te Kanawa. Mij volledig onbekend maar blijkbaar is deze dame een legende in de operawereld. Budapest was een van de steden die ze aandeed op haar afscheidstournee langs de grootste schouwbergen van de wereld. Reka haar ouders hadden tijdig kaarten kunnen bestellen voor dit evenement. Dit was dan ook het welkomsgeschenk voor de Belgische delegatie. Anke, Reka en ik konden ons enthousiasme voor dit cultureel gebeuren amper bedwingen en wij besloten dan maar op café te gaan. Het befaamde Szimpla Kert is één van de bekendste places to be hier. Langs de buiten ziet het er uit als een krot…..en langs binnen ook. Toch ademt het een zeer speciaal gevoel uit (http://www.szimpla.hu/index3.htm). De muren zijn al decennia niet geschilderd en de zetels en stoelen binnen zijn minstens vierdehands of ze komen gewoonweg het gebouw niet in. Bovendien is geen enkele stoel dezelfde en is de inrichting zeer rudimentair. De verlichting is beperkt tot het minumum en dient louter om het gezellig te maken. De krant lezen kan mss beter thuis of alleen overdag. Het is bovendien immens groot met drie verschillende bars en het gebouw heeft verschillende kamers die opgevuld zijn met veel kleine tafeltjes en een paar stoelen. DJ’s spelen loungemuziek en projecteren terzelfdertijd sfeerbeelden op een groot scherm in het centrale gedeelte. Deze beschrijving laat nog veel aan de verbeelding over maar zoiets hebben we niet echt in België. Het blijft voor mij één van de tofste cafés die ik al gezien heb. Anke vond het ook de moeite waard en zal er mss nog wel eens terugkomen in de toekomst. De Budapest Zoo stond ook op het programma zondagmorgen (http://www.zoobudapest.com/h_index.htm). Ik had Reka al zover gekregen om het park te bezoeken in juli en blijkbaar had mijn verhaal Anke een idee gegeven. Ditmaal dus een tweede keer naar de zoo maar wel met minder goed weer en een pak kouder. Kamelen en olifanten eten gegeven, dikke krokodillen gezien en toch weer even kind geworden. Zoo-bezoeken zijn voor mij nooit een opdracht en de Budapest zoo is wel de moeite naar mijn mening.

Voor het Szimpla bezoek ging het naar het gloednieuwe Arena plaza (http://www.arenaplaza.hu/), het nieuwste in een rij van grote shoppingcentra in Hongaarse hoofdstad. Waar ze hier het idee halen om nog maar te blijven bouwen aan deze grote kapitalistische tempels blijft een raadsel maar het volk vliegt erop af als gek. Het was er over de koppen lopen, misschien ook omdat de openingsweek gepaard ging met optredens. Mensen kampeerden dan ook bijna vlak voor het podium waar één van de finalisten van de Hongaarse ’Idool’ wedstrijd optrad. Hoewel het gemiddeld inkomen hier een stuk lager ligt dan in België zijn de prijzen in de shoppingcentra zeer hoog. Er is dan ook praktisch geen verschil met thuis. Bovendien hebben deze nieuwe winkelpaleizen dezelfde effecten als elders. Middenstand voelt de concurrentie zeer hard, rondhangende tienermeisjes die smalend ’Plaza cica’s’ (’shopping katjes’) worden genoemd en de obligatoire en veel te vroege shoppinggekte.

Natuurlijk hebben we ook de Hongaarse keuken uitgebreid geproefd. Niet ver van mijn appartement is één van de beste Hongaarse restaurants van de stad. Hier hebben we samen met de ouders van Reka gegeten en bijgepraat. Na afloop kan er wel geen pap meer gezegd worden. Gelukkig waren hotel en appartement niet ver. Ik ben hier zeker al bijgekomen. Dat is ook vrij normaal den kik want er zijn hier veel nieuwe dingen te proberen. Van sterke drank, hoofdgerechten tot desserts. Vooral het eerste en het laatste zijn niet dingen die ik regematig eet en drink maar een schoonfamilie die de lokale culinaire hoogtepunten aanprijst kan ik moielijk teleurstellen. Ik heb het mij nog niet beklaagd ( geluid van openspringde broeksknoop hier).

Al ging het weekend snel voorbij, het was zeer plezant en tof voor mezelf om mijn familie hier de dingen te tonen die ik dagelijks eet, doe en zie. Voor het ruimere thuisfront moet deze blog een idee geven van hoe het hier is. Ikzal later nog het obligatoire beeldmateriaal posten.
Sorry voor de late update maar bij deze heb ik het wat langer en gedetailleerder gemaakt.

Groeten uit Budapest!

Jens

1 opmerking:

Oompie zei

Beste Jens,

We lezen met stijgende belangstelling je avonturen in het verre, onbekende land van de barbaarse Magyaren. De plannen om zelf naar Budapest te komen nemen steeds concretere vormen aan. Vorige zaterdag nog zagen we Mark en Martine - ge kent die wel, dat koppel uit Meise hé, ik wou eigenlijk zeggen dat koppel zageventen maar ik doe niet aan achterklap hé - zij het dan op een eerder trieste gebeurtenis met name de begrafenis van Steve en hebben toen al de agenda's een keer naast mekaar gelegd. Volgende zaterdag komen de Meisenaren naar de mooie, grootse Kempen afgezakt o.m. om het nieuwe huis van Mike en Kim te gaan bekijken en naar het appartement van nonkel Bruno te gaan (ze zullen moeten rap zijn want hij woont daar al een paar maanden en binenkort is hij alweer verhuisd) om tenslotte met ons naar een Italiaans restaurant in Deurne te gaan (de ogen van uw vader begonnen meteen te blinken!). Daar zullen we dan meteen concreet afspreken voor ons officieel bezoek aan Budapest (al zou tante Rita dat liever een beetje incognito doen en ge kent dat: ce que femme veut, Dieu le veut... 't zal dus zonder àl te veel franjes verlopen, géén Hongaarse kindertjes die met vlaggen staan te zwaaien langs de straten en zo. Enfin, het weze zo.
Inmiddels komt tante Rita me kond doen dat Sinterklaas voor de deur staat. Hij trekt oostwaarts zegt hij en wil altijd een autooke of een knuffelbeertje van onzentwege voor u meenemen. Maar aangezien je daar al over een levende knuffel beschikt zal het aan Matchboxke worden. En daar hebt ge de Kerstman ook al, zie. Kalm aan hé mannen, in de rij gaan staan en ieder zijn beurt afwachten hé, loosers!
Enfin, waar was ik nu weer gebleven? We hebben inmiddels heel wat positiefs gehoord over de ouders van Reka en dat maakt hen nu al sympathiek.
Interessant ook te weten dat er in de Hongaarse hoofdstad goeie café's te vinden zijn. En dat de prijzen in de shoppingcentra zo hoog liggen als hier. Shoppen is in feite nooit mijn sterkste punt geweest. Allez, ge hoort dat de Hongaren toch een zekere mate van civilisatie verworven hebben. En een van je collega's heet Atilla of Attila hoor ik. Een Hun allicht. Doe hem de groeten en probeer het hoge werkritme van de Hongaren zo'n beetje te volgen...
In ieder geval een dikke kus van tante Rita, de beste groeten van Karin en Niels uiteraard en een ferme (voor)poot van Ziki en van mij. See you,
Oompie